Ritmanlibrary - Bibliotheca Philosophica Hermetica
LibraryResearch InstitutePublishing HouseOn-line Exhibitions
THE LIBRARY OF HERMETIC PHILOSOPHY IN AMSTERDAM

 

back

  Lees meer / capita selecta
Voorwoord
1
Sleutel tot licht: inleiding
2
Het Getijdenboek van
Geert Grote
3
Het boek, een ruimte
4
Licht en genade: overwegingen bij miniaturen in de Adair getijden (BPH 131)
5
Getijden van de Eeuwige Wijsheid (BPH 152, BPH 153 en BPH 134)
6
Mystieke cultuur, vrouwen en boeken in Delft (BPH 132)
7
Schrijven voor de kost: het klooster Lopsen te Leiden
(BPH 11, BPH 15, BPH 79 en BPH 163)
8
Bidt voer alle hoer sielen: memorie in Haarlem
9
Meeleven met Maria (BPH 151)
10
Spirituele aandacht van de vrouwen van Assendelft
(BPH 137 en BPH 158)
11
Waardering van het boek
12
Figuren in de marges:
symbolische betekenis van dieren en planten
  Verantwoording van de auteurs
  Inleidende diapresentatie


1. Sleutel tot licht: inleiding


Moderne Devotie
Geert Grote, renovatio
Kartuizers, lezen en schrijven
Moderne Devotie en mystiek
Persoonlijke beleving
De Bibliotheca Philosophica Hermetica en middeleeuwse mystiek
Literatuur

Moderne Devotie
bph1Aan het einde van de 14e eeuw ontstond in Deventer een religieuze beweging onder mensen die de behoefte voelden te komen tot een hernieuwd, zuiver geloofsleven. Deze beweging, die wij kennen onder de naam Moderne Devotie, kwam voort uit de hervormingsactiviteiten van Geert Grote († 1384). In een tijd waarin de praal van de kerk en het wereldse leven van veel geestelijken aanstoot gaven, riep hij op tot inkeer, gebed en soberheid in navolging van Christus. Het ‘moderne’ verwijst hierbij naar het nieuwe streven de ‘oude’ devotie te doen herleven. Grote pleitte voor een terugkeer naar de leefwijze van de eerste christenen en voor het herstel van de zuiverheid van de oorspronkelijke kerk. Uit zijn volgelingen ontstonden de Broeders en Zusters van het Gemene Leven en de Congregatie van Windesheim.
De Moderne Devotie als geloofsbeweging benadrukte hoe men tot God kon geraken door de eigen levenswijze aan te passen, in navolging van Christus. Door in de volkstaal te prediken en te schrijven werden de nieuwe ideeën ook begrijpelijk voor leken. De mogelijkheden die de volkstaal bood, maakte dat een steeds groter publiek werd bereikt. Meer mensen gingen zelfstandig religieuze teksten lezen en interpreteren, en ervoeren daarbij dat de ziel rechtstreeks geraakt kon worden.
Nadat Geert Grote ook de Latijnse gebeden die tot de standaard-teksten van een getijdenboek behoren in het Nederlands had vertaald, werd het getijdenboek hèt boek voor privé-devotie, en daarmee ook tot het meest populaire boek van de late middeleeuwen. Vele aspecten van het getijdenboek zijn al bestudeerd in al even vele studies. Niet alleen werd de tekst van Geert Grote gepubliceerd, ook verschenen er studies over de inhoud en de vormgeving, die zeer gevarieerd is: van fraaie verluchte manuscripten tot eenvoudige gebruiksboeken. De invloed van Geert Grote en de Moderne Devotie op het geestelijke leven in de 15e eeuw blijft zowel geleerden als het grote publiek boeien. De Bibliotheca Philosophica Hermetica besteedt met deze presentatie vanuit haar eigen invalshoek aandacht aan het getijdenboek, het meest veelzijdige gebedenboek uit de late middeleeuwen.

Geert Grote, renovatio
bph2Geert Grote wordt wel de ‘vader’ van deze geloofsbeweging genoemd, die beantwoordde aan de behoefte van een groep mensen om hun leven te hervormen in navolging van Christus. Grote pleitte voor de juiste innerlijke houding en veroordeelde de zeden van de clerus van zijn tijd. Hij wilde zichzelf en de kerk vernieuwen in continuïteit met de traditie, door terug te gaan naar de oerkracht van de vroege christenen. Het was zijn wens hun oude dynamiek weer op te wekken door terug te keren naar het evangelie met het leven van Christus als voorbeeld. Christus als het gemeenschappelijke goed, de algemene liefde en de bron van de eenheid onder de mensen. Persoonlijke vernieuwing, renovatio, moest leiden tot volkomenheid van de gehele gemeenschap waarmee men in eendracht zou samenleven.
De eerste stap in deze vernieuwing is zelfkennis. Om de band met God te herstellen is een terugkeer tot zichzelf, tot de eigen innerlijkheid nodig. Deze zelfkennis heeft – net zoals bij de vroege christenen en woestijnvaderen – een ascetische kant, doordat men zichzelf in de eigen onwaardigheid tegenover God beschouwt. Alles hangt samen met de reinheid van de ziel en al het menselijk handelen wordt beoordeeld naar het zielenheil en in de mate van navolging van Christus. Grotes wens het hele leven in dienst van het evangelie en van Christus te plaatsen – vooral door zijn lijden tot in details na te volgen – bracht een diepe verbondenheid met zich mee met de kerk van de apostelen en de kerkvaders. In zijn opvatting van een gemeenschappelijk leven knoopte hij dan ook aan bij het oerchristendom van de vaderen. Daarnaast putte hij onder meer uit werken van Bernardus van Clairvaux, Bonaventura, Suso en verschillende andere mystici. Bernardus onderwees in zijn mystieke leer dat de ziel moest streven naar vereniging met God. Bonaventura?s methodische denken over het lijden van Christus vond een op de praktijk gerichte vertaling in de vorm van de meditatiepunten van de dominicaan Suso.

Kartuizers, lezen en schrijven
bph3Een zeer belangrijke inspiratiebron voor Geert Grote was de levenswijze van de kartuizers waarin lezen en schrijven de voornaamste steunpilaren waren. De spiritualiteit van het afschrijven heeft hij van hen overgenomen. Maar wat zij niet deden en de moderne devoten wel, was kopiëren tegen betaling. Door beroepsmatig schrijfwerk voorzagen zij in hun levensonderhoud, een handwerk dat goed paste bij het gewenste geestelijke leven. In hun streven naar een persoonlijke vorm van spiritualiteit, in stilte en afzondering te volbrengen, werden Geert Grotes volgelingen de belangrijkste kopiisten van de late middeleeuwen. Elke dag werd afwisselend geestelijke literatuur gelezen, gemediteerd, gebeden en geschreven.
Grote zelf paste qua karakter niet echt in een leven van stilte, zoals bleek na een verblijf van enkele jaren van studie en meditatie bij de kartuizers bij Arnhem. Hem werd dan ook geadviseerd zijn talenten in de wereld buiten het klooster te benutten. Daar is niet alleen zijn invloed als prediker verreikend geweest, ook zijn vertaalwerk uit het Latijn in het Nederlands, was van groot belang. Juist door in de volkstaal te schrijven kon een brug geslagen worden naar de wereld van semi-religieuzen en leken die meestal niet in het Latijn geschoold waren. Grote pleitte voor eenvoud van taal en voor het gebruik van simpele bewoordingen, want rethoriek kon aanleiding geven tot misverstaan. Zijn bewondering voor het werk van Jan van Ruusbroec, die wordt beschouwd als een van de beste schrijvers in de volkstaal uit de 14e eeuw, is dan ook goed te begrijpen. Grotes wens zijn volgelingen, ook vrouwen en leken, te laten deelnemen aan het kerkgebed, de getijden, is van groot gevolg geweest. Zijn vertaalwerk en commentaren op de getijden vormen misschien wel het rijkste werk dat hij heeft voortgebracht.

Moderne Devotie en mystiek
bph4De Moderne Devotie kan gezien worden in het perspectief van de zich verbredende mystiek waarbij de volgelingen veel belangstelling hadden voor de werken van Meester Eckhart (ca. 1260-1328), Henricus Suso (1295-1366) en Johannes Tauler (ca. 1300-1361), de ‘meesters van de innerlijkheid’, die beschouwd worden als de grootste Duitse mystici. Ook zij waren in hun tijd ‘nieuw’ in hun pogingen de gelovigen te bereiken via preken en traktaten in de volkstaal.
Door het gestadige, veelal anonieme, kopieerwerk van de Moderne Devoten is de verspreiding van de Middelnederlandse mystieke literatuur sterk beïnvloed en is een schat aan teksten behouden. Onder mystieke literatuur wordt verstaan die literatuur die getuigenis aflegt van een directe, passieve godservaring – zonder middel of bemiddeling. De kerninspiratie lag in de verinnerlijking en verpersoonlijking van het religieuze leven, als reactie op uiterlijke riten en gebruiken waaruit de innerlijke bezieling verdwenen was. Grote had weliswaar oog voor de mystieke verhouding tussen god en mens en bewaarde de hoop op het licht van de eeuwige wijsheid, maar zijn zondebesef, zijn wantrouwen van de zondige natuur van de mens, overheerste. Alleen als men bereid was tot een strikt leven van inkeer en boete, streng gewetensonderzoek en onthouding, kon de mens de band met God herstellen.
De Moderne Devotie zelf is geen mystieke beweging, ‘ook al waren enkele leiders mystiek begenadigd en konden zij mystieke beleving goed onder woorden brengen. De mystieke “ader” vond zijn oorsprong in Groenendaal door het contact tussen Ruusbroec en Geert Grote’, zo schrijft Guido de Baere in zijn inspirerende artikel
(De Baere 1997, zie Literatuur hieronder). Maar de zorg van de Moderne Devoten voor de innerlijke zuiverheid was mede oorzaak van de vervreemding van het mystieke elan. In hun concretisering speelde methode een belangrijke rol, waarbij gebruik gemaakt werd van vooraf opgestelde punten. Het methodisch ‘herkauwen’ van deze punten stond een mystiek geestesleven in de weg. Daarbij wilden de leidsmannen een spiritualiteit scheppen die voor een brede groep van gelovigen toegankelijk was. Deze populariserende tendens ging samen met een afkeer voor alles wat ongeregeld of buitenmaats was. Toch werd het 15e-eeuwse geestesleven sterk door mystieke literatuur beïnvloed en ontstond er daarbinnen een cultuur waarin het leven van de mysticus als het ideale voorbeeld gold.

Persoonlijke beleving
bph5Persoonlijke beleving bij het streven naar eenwording met God – met een boekje in een hoekje – vereiste een teruggetrokken lezen. De honger naar teksten ook bij semi-religieuzen en leken veroorzaakte de overgang van voor(ge)lezen (worden) naar het privé-lezen van teksten in de volkstaal. Dit was een ingrijpende verandering: men kwam in contact met de tekst zonder tussenkomst van een voorlezer of prediker. Met name in de vrouwenkloosters werd in de volkstaal gelezen en gebeden, waarbij het afschrijven van de teksten vaak gebeurde in eigen huis en voor eigen gebruik. Teksten moesten aanzetten tot het juiste gedrag, waarbij de mens zelf zijn relatie met God regelde, alleen, maar met de benodigde lectuur en meditatiestof. Een aantal van Geert Grotes gebeden kreeg zoveel weerklank dat ze in vrijwel alle getijdenboeken zijn opgenomen.
De nieuwe devotie veronderstelde een sterke participatie, uitgedrukt in bewoordingen als: siet nu voert, aenbedet en volghet hem na…. De drang tot het meebeleven en meelijden deed een stroom aan ‘realistische’ teksten over het leven en lijden van Jezus verschijnen. Daarbij heeft de Moderne Devotie niet alleen veel invloed uitgeoefend op persoonlijk, intiem lezen en luisteren maar ook op kijken. Beelden emotioneren directer dan woorden. Zij kunnen tot overdenken aanzetten: ‘aanzien doet gedenken’. Door het kopiëren van boeken, door het luisteren naar indringende preken die aanzetten tot inkeer en tot introspectie, door de wereld te vermijden, door mediteren, door zichzelf te confronteren met het diepste innerlijk, komt de mens tot inzicht en navolging. Daarbij is ieder zelf verantwoordelijk voor het welslagen van zijn tocht naar God.

De Bibliotheca Philosophica Hermetica en middeleeuwse mystiek
De Bibliotheca Philosophica Hermetica verzamelt teksten van middeleeuwse (en latere) mystici, vooral van auteurs die affiniteit hebben met het hermetische gedachtegoed, zoals Eckhart, Suso en Tauler. De Moderne Devotie die in de Nederlanden zijn oorsprong vond, krijgt in de bibliotheek bijzondere aandacht, niet alleen in de moderne boekerij, maar ook in de vorm van middeleeuwse getuigen: handschriften en 15e-eeuwse drukken van werken van leidsmannen als Gerard Zerbolt van Zutphen, Thomas a Kempis en vele anderen. Sinds 2004 participeert de Staat der Nederlanden in het behoud van de BPH: zij kocht onder meer een aantal getijdenboeken aan van de BPH, die zij weer teruggaf als bruikleen. Dit betreft een kleine, maar zeer rijkgeschakeerde verzameling van 25 boeken, die hier afzonderlijk worden beschreven en geanalyseerd. Het ligt in de bedoeling de collectie in zijn bredere context te plaatsen nadat de Bibliotheca Philosophica Hermetica is verhuisd naar haar toekomstige locatie, het Huis met de Hoofden aan de Amsterdamse Keizersgracht.

Literatuur:
G. de Baere,‘De Middelnederlandse mystieke literatuur en de Moderne Devotie’, in: Trajecta 6 (1997), 3-18
G. Épiney-Burgard, Gerard Grote (1340-1384) et les debuts de la Dévotion Moderne.
Wiesbaden 1970
Th. Mertens, ‘Mystieke cultuur en literatuur in de late Middeleeuwen’, in: F.P. van Oostrom en W. van Anrooij (red.), Grote Lijnen, Syntheses over middelnederlandse letterkunde.
Amsterdam 1995, 117-136
Th. Mertens, ‘Lezen met de pen. Ontwikkelingen in het laatmiddeleeuws geestelijk proza’, in: F.P. van Oostrom en Frank Willaert (red.), De studie van de Middelnederlandse letterkunde: stand en toekomst. Hilversum 1989, 187-200
Herman Pleij, Het gevleugeld woord. Geschiedenis van de Nederlandse literatuur 1400-1560.
Amsterdam 2007 (m.n. 228-247)

Bijschriften:
1. f. 123v, Boek en sleutel in de hand van Petrus
2. f. 13v, Boek op lezenaar bij Maria
3. f. 125v, Boek in de hand van Jacobus
4. f. 135v, Boek in de hand van Barbara
5. f. 119v Boek in de hand van Johannes

Up

Last modified: Dec. 14, 2009

Home

Library Research Institute Publishing House Online Exhibitions


Copyright © 2009 Bibliotheca Philosophica Hermetica
All rights reserved

Comments or suggestions to the site editor: bph@ritmanlibrary.nl

Home URL: http://www.ritmanlibrary.nl