| |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
![]() |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Getijdenboek in het Nederlands Geschreven en verlucht in Holland, in 1491 Miniaturen: Zwarte-Ogen-Meesters
De Zwarte-Ogen-Meesters waren zeer succesvolle boekverluchters, die aan het eind van de 15e eeuw in Holland werkzaam waren – waar precies is onbekend. In de decoratie van de ruim zeventig handschriften die van hen bewaard zijn gebleven, kunnen een aantal groepen onderscheiden worden, die elk uit verschillende verluchters bestonden (zie ook nr. 19, BPH 2 en nr. 2, BPH 151). Van de schilder die dit handschrift illumineerde, zijn nog zes andere handschriften bekend. Dit getijdenboek is zijn belangrijkste werk, waarnaar hij dan ook de ‘Meester van BPH 63’ wordt genoemd. In vergelijking met de oudste van de Zwarte-Ogen-Meesters, de Bezborodko-Meester, zijn de figuren kleiner ten opzichte van het beeldoppervlak en de kleuren wat uitgesprokener. Kenmerkend voor alle Zwarte-Ogen-Meesters is dat zij de nieuwste ontwikkelingen uit de Zuid-Nederlandse boekverluchting overnamen, de zogenaamde strooirand. Hierin zijn in de randen rond de miniaturen en de tekst natuurgetrouwe bloemen, vruchten en takken als het ware op de effen gekleurde ondergrond ‘gestrooid’. Tussen de ranken bevinden zich overal vogels, vlinders, insecten en aardbeien. Ook grote bloemen zoals irissen en rozen, die uit op de onderste rand gelegen aardpollen groeien, komen veelvuldig voor.
Perkament, ii+153 folia, 185x128 (106x64) mm, 21 regels, littera textualis, Nederlands Kateropbouw: katernen merendeels van acht bladen, met miniaturen op ingevoegde losse bladen: i-ii6 (f. 12); iii8+1 (f. 21; f. 13v miniatuur); iv-v8 (f. 37); vi8+1 (f. 46; f. 46v miniatuur); vii-viii8 (f. 62); ix8+1 (f. 71; f. 67v miniatuur); x8+1 (f. 80; f. 72 miniatuur); xi8 (f. 88); xii8+1 (f. 97; f. 90 miniatuur); xiii8 (f. 105); xiv8+1 (f. 114; f. 109v miniatuur); xv8+1 (f. 123; f. 123v miniatuur); xvi-xix8 (f. 153) Boekband: 18de-eeuws gemarmerd-bruin leer over kartonnen platten, goud gestempeld
Inhoud:
- bij de hoofdteksten: 7 bladgrote miniaturen (105/100x70/60), met randversiering aan 3 of 4 zijden; - tegenover de miniaturen aan het begin van de tekst: 3 gehistorieerde initialen van 9-10 regels hoog met randversiering aan vier zijden (ff. 14r, 47r, 110r) en 4 gouden initialen op blauwe en roze veld van 5-10 regel hoog, met randversiering aan 4 zijden (ff. 68r, 73r, 91r, 124r); - bij de gebedsuren: gouden initialen op blauw/roze veld van 6-7 regels hoog, met staven ter weerszijden en randversiering (ff. 20v, 27v, 30r, 32v, 34v, etc.); - bij de kleinere tekstonderdelen: gouden initialen op rood/blauwe velden van 2 regels hoog met takjes in de marge, deels verwant met Utrechtse stijl met de ‘korte Utrechtse rank’ en ‘kaardebollen’ Alle randversiering in de stijl van de Zwarte-Ogen-Meesters - in de tekst: rode en blauwe initialen van 1 regel hoog met penwerkversiering
Voorstellingen:
Herkomst: In 1761 door Johanna van Keeves geschonken aan haar zoon Johannes van Breenen (inscriptie op eerste schutblad voorin); Antiquariaat Karl W. Hiersemann te Leipzig (Katalog 487, 1921, nr. 83, pl. IV); in 1925 geveild bij Paul Graupe te Berlin (Auktion 57, 14 december 1925, lot 16, pl. 4); Jean Furstenberg, Duitse verzamelaar, later woonachtig in Frankrijk (1890-1982; ex-libris); in WO II in Frankrijk geconfisceerd door de Duitse bezettingsmacht (zie: Répertoire des biens spoliés en France durant la guerre 1939-1945, 1947, p. 32, nr. 368), maar gerecupeerd en in 1980 verkocht aan antiquariaat Bernard H. Breslauer te New York; aangeboden door Breslauer in 1980 (catalogus 2-4 okt. 1980, nr. 1) en in 1988 (catalogus 109, nr. 8). In 1989 aangekocht van Antiquariat Heribert Tenschert te Rotthalmünster.
Literatuur: • K.H. Broekhuijsen en A.S. Korteweg, ‘Twee boekverluchters uit de Noordelijke Nederlanden in Duitsland. Een Zwarte-ogen-meester, Johannes Ruysch en het Graduale van de abdij Gross St. Martin te Keulen uit het jaar 1500’, in: J.B. Bedaux m.m.v. A.M. Koldeweij (red.), Annus quadriga mundi. Opstellen over middeleeuwse kunst opgedragen aan prof. dr. Anna C. Esmeijer. Zutphen 1989, 49-76, spec. 68. (Clavis kunsthistorische monografieën: 8). • E. König en H. Tenschert, Leuchtendes Mittelalter I, Katalog XXI, Antiquariat Heribert Tenschert, Rotthalmünster 1989, nr. 41, met 5 kleurenpl. • Website Medieval Manuscripts in Dutch Collections (MMDC) 2007, 1 afb. • K.H. Broekhuijsen, The Masters of the Dark Eyes. Late medieval manuscript painting in Holland, Turnhout 2009, cat. nr. 44, passim (zie register), afb. 37. (Ars Nova. Studies in late medieval and renaissance northern painting and illumination) • W.C.W. Wüstefeld en A.S. Korteweg, Sleutel tot licht. Getijdenboeken in de Bibliotheca Philosophica Hermetica. Tentoonstellingscatalogus Amsterdam, Bibliotheca Philosophica Hermetica (Ritman Library), 2009. Amsterdam 2009, nr. 20
De vermelding: Mulder met een G-nummer achter een deel van de gebeden verwijst naar het overzicht van gebeden in: J. Deschamps (†) en H. Mulder, Inventaris van de Middelnederlandse handschriften van de Koninklijke Bibliotheek van België (voorlopige uitgave). Elfde Aflevering. Brussel 2009, 79-133: Gebeden (lijst)
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Last modified: Nov. 23, 2009 Home Library Research Institute Publishing House Online Exhibitions Copyright © 2009 Bibliotheca Philosophica Hermetica All rights reserved Comments or suggestions to the site editor: bph@ritmanlibrary.nl Home URL: http://www.ritmanlibrary.nl |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||